De rookdoos
De rookdoos bestaat uit een RVS-bak met uitklapbaar handvat,
Rvs deksel, ingrediëntenrekje, lektree. Op de bodem wordt het rookmengsel gestrooid. Meestal houtmot van een bepaalde houtsoort. Dan plaatst men de lektree,(eventueel bekleed met aluminiumfolie,makkelijk schoon te maken).vervolgens het rekje met daarop het te roken ingrediënt. Na het sluiten van het deksel plaatst men de rookdoos op een grote gaspit en de afzuigkap in de hoogste stand.
Rookmengsels
Houtmot van diverse houtsoorten. Desgewenst aanvullen met droge tijm en of gekneusde jeneverbessen
Rook is zuur en penetrant. Teveel bederft het ingrediënt. Een mildere rooksmaak verkrijgt met mengsel van 1 deel rijst, 1 deel Chinese thee, 1 deel bruine basterdsuiker
Ook het insmeren met olijfolie of het in pakken in druiven bladeren tempert de rookintensiteit.
Aanroken
Hierbij is de bedoeling dat het ingrediënt kort wordt gerookt en vervolgens wordt afgebakken in een braadpan. De rooktijd is kort.
Gaarroken
Hierbij is het de bedoeling dat het ingrediënt net zolang gerookt wordt, tot het volledig gaar is. Veel vissoorten lenen zich daartoe. Deze wijze van roken vraagt iets meer rookmot en langere rooktijden.
De rooktijden
Roken is experimenteren, reken de duur van de rooktijd vanaf het moment dat het eerste rooksliertje onder het deksel ontsnapt.
Voor aanroken 3 tot maximaal 5 minuten
Voor gaarroken minimaal 8 tot maximum 15 minuten.