Zalmcrème met z...
Zalmcrème met zalmtartaar, Taartje van runderstaartstuk, Lic...
 
Curry mosseltjes, ge...
Curry mosseltjes en Thais kip-pindaballetje. Op de huid gebakken ...
 
Gevulde cannoli, Pad...
Gevulde cannoli, Paddenstoelenrisotto met rode wijn, Peterselieha...
 
Homard à L’Armoricaine
Camembert met aardbeiencoulis
Roken, het gebruik van de rookdoos
Chocolade rolletjes maken
Klaren
Aceto balsamico
Suikerstroop
Schaaldierenbouillon
Kapsel van Biscuitbeslag
Visbouillon
Cake, warm beslag
Luxe broodjes
Luxe broodjes
Gevogelte lever of ”foie ...
Het koud / warm buffet deel 3
Chaud-froid sausen en koude sausen
Verschillende soorten sausen en mou...
Geleien en warme sausen
Het opmaken van een buffet
Het jaarschema 2004
Uitnodiging Algemene ledenvergaderi...
Chefsexamen Petra Brokx en Lean Mic...
Zondag 6 juli Pruvenement Oosterhou...
Website wordt deze week nog druk bi...
Maandmenu van April 2003 op de site
 

De interesse voor het culinaire ambacht, die de LCC leden met elkaar delen, uit zich in vele gezellige avonden onder het motto: vreugde aan hen die op niveau kunnen eten en drinken. Het is een cultuurvorm die het leven kan verdiepen en de contacten met disgenoten warmer en aimabeler maakt.

Hobbykokers zijn amateurs in de kookkunst en dat willen zijn heus wel weten maar door het afleggen van een examen, kan een LCC lid de bevestiging krijgen van zijn eigen kunnen.

Er zijn drie rangen waarvoor men op kan gaan t.w.:

Chef de Cuisine
Maître de Cuisine
Grand Maître de Cuisine

In onze eigen professionele keuken wordt het examen afgenomen. Omtrent de kosten die men wil maken legt de examencommissie geen regels aan. Realiseert u zich echter dat een goede kok juist met eenvoudige middelen iets groots kan maken. Kostbare ingrediënten maken de kok wel tot een dure maar niet altijd tot een goede kok.

De kandidaat wordt beoordeeld op zijn kundigheid in de keuken, de smaak en de kwaliteit van de gerechten; bij Maître en Grand Maître ook nog op de op de originaliteit en de wijze van de presentatie, de op- en afbouw van het menu en de bewerkelijkheid ervan, het vermogen om gastheer te zijn en dat alles binnen een aanvaardbare timing. Wie dus zijn deskundigheid aan de beoordeling van een jury voorlegt en tot de groep der verhevenen worden toegelaten, zal kunnen rekenen op een oprechte beoordeling.

De Examencommissie attendeert de kandidaat erop zich goed voor te bereiden en het examen vooral niet te licht op te nemen. De chef van zijn kookgroep blijft echter verantwoordelijk voor de beslissing of een kandidaat hiertoe bekwaam is.

Tenslotte verwacht de jury dat de kandidaat en zijn assistent(en) onberispelijke kokskleding en –muts dragen. De keuken en het restaurant moeten na afloop van het examen schoon en opgeruimd worden achtergelaten.


Menusamenstelling.
De examencommissie ervaart het als een compliment wanneer in de amateur-sfeer menu’s van niveau worden gebracht, door de kandidaat zelf samengesteld, waarbij hij rekening houdt met de seizoenen.

Hij dient daarbij kennis te verwerven voor juiste menutechnische zaken zoals: seizoensproducten, kleurcombinaties, smaakcombinaties, diverse bereidings-technieken en vooral de menuopbouw.

Voor de samenstelling van het menu mag men de hulp van anderen inroepen, maar de uitwerking moet zelf ter hand worden genomen. Ga af op eigen kookervaring en bestudeer culinaire literatuur. Je hoeft niet een briljante kok te zijn om briljante ideeën te hebben.

Chef de Cuisine
De Chef stelt een menu samen bestaande uit tenminste drie gangen. Daarbij dienen tenminste 2 gerechten te worden gebruikt uit de LCC receptuur.

Maître de Cuisine
De Maître stelt een menu samen bestaande uit vier gangen. Twee gerechten moeten een eigen interpretatie hebben, en dus niet afkomstig zijn van de LCC receptuur.

Grand Maître de Cuisine.
De Grand Maître stelt een menu samen bestaande uit vijf gangen die alle eigen creaties zijn en dus niet afkomstig zijn van LCC receptuur. De receptuur is door de kandidaat enkele malen uitgeprobeerd. De presentatie aan de jury is de neerslag van deze experimenten. Daarom zal de kandidaat zich uiteraard aan zijn eigen receptuur moeten houden. Afwijken van de door hemzelf opgestelde receptuur wordt door de jury slecht gewaardeerd .

Timing.
De jury beoordeelt de timing van de gerechten. Als je alles vlekkeloos kunt laten verlopen ben je een knappe kok. Er wordt echter rekening mee gehouden dat er wel eens iets mis kan gaan. Op de grens hiertussen ligt het beoordelingsveld van de jury, die timing een onderdeel vindt van het vakmanschap. Bij het examen Grand Maître zal dit zwaarder wegen dan bij de vorige examens.

Wijnen.
De geschonken wijnen mogen door de jury niet in de beoordeling worden meegenomen. De jury waardeert het dat bij de keuze van de wijnen gebruik gemaakt wordt van het LCC assortiment. De jury laat de kandidaat vrij in zijn keuze. Echter, lyrische uitingen over deze tongstrelende vochten zullen discreet binnen de beslotenheid van het jurypanel blijven. De jury ondergaat deze onderdrukking van haar emoties als een loutering om haar waardigheid als beoordelaar te tonen.

Presentatie.
De tafel dient volgens de regels gedekt te zijn en opgefleurd te worden met een bloemetje of kaarsje en een menukaartje. Het servies dient vrij te zijn van beschadiging en scherpe randen, de glazen gepolierd en het bestek opgepoetst.

Bij het uitserveren mag er een garnituur op het bord gebracht worden met dien verstande dat elk garnituur eetbaar moet zijn. De rand van het bord is als een lijst bij een schilderij; zij dient vrij te zijn van etenswaar en dient louter als omlijsting van het geserveerde gerecht.
Dat borden, zover nodig, voorverwarmd dienen te worden spreekt voor zich, maar ook de koffiekopjes mogen best op temperatuur zijn.

Gastheerschap.
De kandidaat is behalve kok ook gastheer. Dat wil zeggen dat hij zijn gasten moet ontvangen, eventueel aperitief aanbieden, zorgen voor een fijne ambiance in het restaurant en desgewenst voor fijne achtergrondmuziek. Maar hij kan deze taken ook delegeren aan zijn keukenhulp of aan zijn maître-sommelier. Kortom een gastvrijheid ten toon spreiden zoals dat een goed restaurateur betaamt. In geen geval betekent dit dat er steeds iemand in de buurt van de gasten (jury) staat, want deze moeten in alle rust, neutraliteit en vrijheid met elkaar kunnen discussiëren over het gebodene.
De jury wordt eerst aan tafel genodigd en dan wordt het gerecht geserveerd.

De examencommissie.
De examencommissie is samengesteld uit een door het bestuur gekozen voorzitter en een secretaris aangevuld met drie leden, allen lid van de LCC.
Zij is verantwoordelijk voor de goede gang van zaken rondom het examengebeuren. De aanvraag voor een examen moet aan de voorzitter van de commissie gericht zijn, eventueel via de secretaris van het LCC . Als de examendatum is vastgesteld, dient de kandidaat er rekening mee te houden dat hij tenminste drie weken vóór deze datum het uitgewerkte menu in vijfvoud ( bij Grand Maître in zesvoud) indient bij de voorzitter.

De commissie ziet toe of de kandidaat de regels voor het examen in acht neemt, bepaald de moeilijkheidsgraad van de gerechten, adviseert zo deze dit wenst, de kandidaat bij verkeerde menusamenstelling of te lage moeilijkheidsgraad. De commissie benoemt voor elk examen een jury bestaande uit tenminste vier personen.

Bij Grand Maître wordt hier een professional als vijfde jurylid aan toegevoegd. Aan de meeste examens zijn kosten verbonden voor het gebruik van de keuken, het kookgereedschap en de schoonmaak. Over deze kosten wordt U bij uw examenaanvraag worden geïnformeerd.

De jury.
Het is gemakkelijker 100 gerechten te bestuderen dan er een zelf te bereiden. Dat weerhoudt de jury niet van haar bezigheid tot fysieke executie van de voorgeschotelde gerechten. Zij ziet dat als een beloning voor de opoffering van haar vrije zaterdag.

De samenstelling van de jury geschiedt door de commissievoorzitter. Hij kiest de jury uit de leden van het LCC, maar ook prominenten van collega-organisaties komen hiervoor in aanmerking. De juryvoorzitter is echter altijd een LCC lid. Bij Grand Maître wordt altijd een professionele kok of docent aan de jury toegevoegd.

Tijdens het examen parkeren de juryleden hun kameraadschappelijke gevoelens voor de kandidaat op het Plein de Gerechtigheid. De beoordeling geschiedt aan de hand van een lijst die elk jurylid vooraf uitgereikt krijgt door de juryvoorzitter.

Op deze lijst moet de moeilijkheidsfactor zijn ingevuld:

4 = ongecompliceerd.
5 = vraagt aandacht en redelijke kookkunst.
6 = vereist grondige kennis van basis kooktechnieken en
extra aandacht voor de toegepaste receptuur.
7 = gecompliceerd; vereist een goede organisatie en afwerking
in de keuken.
8 = zeer moeilijk, vereist volledige kennis van toegepaste
kooktechnieken, zorgvuldige voorbereiding en inkop marchandise, exacte mise en place en presentatie.

Onder leiding van de juryvoorzitter beoordeelt elk jurylid elk gerecht op smaak en kwaliteit, controleert via de hem verstrekte receptuur de toegepaste werkwijze en of daarvan is afgeweken, beoordeelt de presentatie op het bord (of de opgemaakte schaal), de organisatie eromheen en de bestendigheid van het gastheerschap.

3 = niet acceptabel
4 = onvoldoende tot slecht.
5 = matig tot twijfelachtig
6 = voldoende tot acceptabel, het positieve overheerst
7 = ruim voldoende, een weinig kritiek mag
8 = goed, geen kritiek
9 = lof over het gebodene, uitmuntend

De punten van elk jurylid worden door de voorzitter genoteerd en het gemiddelde hiervan meteen aan de juryleden bekend gemaakt.

Gedragscode juryleden.
Wanneer een lid van het LCC zijn kookproef aflegt, blijkt in vrijwel alle gevallen dat de betrokken persoon zeer gemotiveerd bezig is en de proef zeer serieus neemt; veelal verkeert de kandidaat in een spanningssituatie. Het is niet meer dan fatsoenlijk indien de leden van de jury deze gemoedstoestand adequaat tegemoet treden.

De Kleding.
Kleding aangepast aan de kookproef ligt voor de hand. U wordt verzocht het volledige LCC koktenue te dragen.

De gesprekken.
Tijdens het uitserveren van de gerechten en in het algemeen zolang de kandidaat of een van zijn medewerkers in de zaal aanwezig is, dienen de gesprekken te handelen over “food en beverage”. Andere niet relevante gesprekken dienen niet gevoerd te worden. Het getuigt van weinig waardering voor de kookproef van de kandidaat.

De drank.
Het behoort tot de gastvrijheid van de kandidaat, die deze bevoegdheid delegeert aan de Maitre -Sommelier dat hij zijn gasten (lees: juryleden) goed verzorgt, ook ten aanzien van de geserveerde dranken. Hij dient echter rekening te houden met de veranderde opvattingen over alcoholgebruik en verkeer.

Tijdens de kookproef wordt geadviseerd maximaal het volgende te schenken:
- aperitief
- een glas witte wijn bij het voorgerecht.
- twee glazen rode wijn bij het hoofdgerecht, maar één is voldoende
voorts hoeft geen extra fles te worden geopend.


Exameneisen Chef de Cuisine.
Eerst na zes maanden lidmaatschap kan een koksmaat opgaan voor het examen Chef de Cuisine. Hij moet dan tegenover een jury bewijzen dat hij de receptuur van het LCC beheerst en de vaardigheden onder de knie heeft op het gebied van kooktechniek en prepareren, smaak en presentatie.

Zijn proef zal bestaan uit “koken en presenteren” van een drie gangen menu, waarvan tenminste twee uit de receptuur van het LCC, die tezamen een harmonieus geheel moeten vormen.

Het opgaan voor Chef willen wij een ieder aanbevelen die zich tot doel stelt om een eerlijk diner op tafel te brengen. De eisen zijn niet zo hoog en zeker niet als je al enige jarentrouw kokend lid bent.

Menu ( 4 personen).
Het menu moet geheel uitgewerkt zijn en uitgetypt in 5-voud worden ingediend bij de Voorzitter van de Examencommissie. De examencommissie vult de moeilijkheidsgraad is en geeft te kennen of een kandidaat tot het examen wordt toegelaten.

Daarna kan een datum voor het examen worden vastgesteld. De Chef van zijn kookgroep blijft echter verantwoordelijk voor de beslissing of een kandidaat examenbekwaam is.

Techniek.
Van een Chef de Cuisine mag worden verwacht dat hij de volgende zaken tot een goed einde brengt:

1. Het bereiden van een correct geklaarde en smakelijke bouillon.
2. Het koken en prepareren van diverse groentegerechten.
3. Voor aardappels geldt: het correct prepareren van diverse aardappelgerechten.
4. Het maken van koude sauzen, zoals cocktailsauzen, dressings.
5. Het maken van warme sauzen op basis van een roux.
6. Het bakken van klein vlees zoals biefstukken, varkensvlees en lamsvlees.
7. Het braden van klein gevogelte of delen ervan.
8. Het pocheren van vis, schaal- en schelpdieren.
9. Het bakken van vis.
10. Het maken van een vanilla-ijs en een sorbet.
11. Het maken van een bavarois.
12. Het maken van beslag en het bakken van flensjes.
13. Het bereiden van salades en crudités

De eisen.
Een Chef de Cuisine bereidt een driegangen menu:

a. Een voorgerecht, warm of koud, of een soep.
b. Een hoofdgerecht, bestaande uit een aardappelgerecht, twee soorten groenten, vlees, vis of gevogelte en een saus.
c. Een nagerecht.

De kandidaat moet 122 punten halen om geslaagd te zijn. Een Chef de Cuisine ontvangt zijn lint met LCC insigne en de schriftelijke “Proeve van Bekwaamheid”.

Assistentie.
De kandidaat mag tijdens zijn examen geassisteerd worden door een koksmaat die lid moet zijn van het LCC. De koksmaat die hem assisteert mag uitsluitend bijkomstige werkzaamheden in de keuken verrichten, zoals afwassen, groenten schoonmaken, tafel dekken en uitserveren. Het is niet toegestaan de assistent een gerecht te laten prepareren, ook geen mayonaise, eiwit of slagroom te laten kloppen.

Marchandise.
Gekookt wordt voor vier personen van zelf ingekochte ingrediënten. De proef moet worden afgelegd op een zaterdagmiddag in de LCC keuken. Uitserveren om 13.00 uur

Organisatie.
Van een Chef de Cuisine mag worden verwacht at hij een schema aan de jury voorlegt waarop aangegeven staat op welke tijden hij de gerechten serveert.
De hem toegewezen tijdsduur is maximaal 3 uur.

Exameneisen Maître de Cuisine.
Na 18 maanden lidmaatschap en nadat met uiteraard het examen voor Chef de Cuisine met goed gevolg heeft afgelegd, kan men opgaan voor het Maître de Cuisine-examen. Het opgaan voor Maître vereist wel gedegen kennis van zaken en een grotere voorbereiding met een stevige inzet. Kooktechnische ervaring is een noodzaak.

De opmaak van gerechten dient duidelijk op niveau te staan . Het prepareren van een smakelijk gerecht, zonder dat het goed oogt, biedt niet voldoende waarding
om als Meester te slagen. Het garneren met een schijfje tomaat en een toefje peterselie is ondermaats. Een onvoldoende kan het gevolg zijn.

Menu ( 4 personen).
De samenstelling van het menu wordt door de jury beoordeeld op haar harmonieuze samenstelling, met een goede op- en afbouw. Het menu moet geheel uitgewerkt zijn en uitgetypt in 5-voud worden ingediend bij de voorzitter van de examencommissie. Twee gerechten moeten een eigen interpretatie hebben, dus niet afkomstig zijn van LCC receptuur. De Chef van zijn kookclub blijft verantwoordelijk voor de beslissing of de kandidaat examenbekwaam is.


Techniek.
Van de Maître de Cuisine mag worden verwacht: de eisen waaraan een Chef de Cuisine moet voldoen en bovendien:

14. Het bereiden van pasteien en terrines.
15. Het bereiden van heldere en gebonden soepen
16. Het bereiden van (koude) mousses voor voorgerechten.
17. Het bereiden van warme sauzen.
18. Het correct bereiden van emulsiesauzen zoals Hollandaise, Béarnaise, Mousseline
19. Het correct braden en garen van vlees.
20. Het correct braden en garen van groot gevogelte.
21. Het correct braden en garen van geproportioneerd vlees en gevogelte alsmede de opmaak ervan.
22. Het bereiden van deegsoorten, beslagen, uitgezonderd bladerdeeg.
23. Het maken van enkele soorten gebak.
24. Het maken van luxe ijssoorten, zoals parfait.
25. Bereiden van pasta’s en bereiden van rijst.
26. Het samenstellen van uitgebreide salades.


De eisen.
Een Maître bereidt een 4 gangen menu waarbij hij de keuze maakt uit:

a. Een koud voorgerecht.
b. Een soep.
c. Een warm tussengerecht.
d. Een hoofdgerecht bestaande uit een aardappelgerecht of pasta, twee soorten groenten, vlees, gevogelte of vis en een saus.
e. Een nagerecht.

In deze gerechten moeten minstens 6 van de eisen van 14 t/m 26 worden verwerkt. E kandidaat moet 168 punten behalen om zich geslaagd te mogen noemen en in het bezit te komen van de officiële rangorde. Het staat de kandidaat vrij om buiten beoordeling een of meerdere (tussen)gerechten te prepareren.

Assistentie.
De kandidaat mag tijdens zijn examen geassisteerd worden door een koksmaat en een Maître d’Hôtel wiens kwalificatie niet hoger mag zijn dan die van de kandidaat. Beiden moeten lid zijn van het LCC.

Marchandise.
Gekookt wordt voor vier personen van zelf ingekochte materialen (overleggen van bestellijsten). De proef moet worden afgelegd op een zaterdagmiddag in de LCC keuken. In overleg kan al op vrijdag gestart worden met koken. Uitserveren om 13.00 uur.

Organisatie.
Van een Maître mag worden verwacht dat hij een strikt organisatie en tijdschema aan de juryvoorzitter voorlegt waarop hij de gerechten serveert. De hem toegewezen tijdsduur is maximaal 4 uur.

Exameneisen Grand Maître de Cuisine.
Na drie jaar onafgebroken lidmaatschap van Les Copains Culinaires en na geslaagd te zijn voor Chef en Maître kan men opgaan voor de hoogste titel: Grand Maître de Cuisine.

De kandidaat moet ver uitstijgen boven een gemiddelde van 6. Begrijpelijk dus dat de eisen zeer hoog zijn. De titel Grand Maître is waarachtig geen eretitel.

Het is geen schande als men het hoogst begeerde in onze vereniging niet in één keer kan behalen. Hoe meer kennis men heeft, des te meer men weet wat er allemaal verkeerd kan gaan, maar je moet wel de grenzen van je culinaire kunnen durven aftasten. De jury verwacht van een Grand Maître originele combinaties, warbij in de presentatie elke vorm van dupliceren wordt vermeden.

De vijf gerechten worden zo gecomponeerd dat in deze bij voorkeur geen tweemaal dezelfde kleur, geur of smaak is terug te vinden. De gerechten moeten niet alledaags, experimenteel of buitenissig zijn. Zijn ze echter bewerkelijk dan verhoogt dat de moeilijkheidsfactor. Hoewel op de eerste plaats het voedsel staat en pas dan het “plaatje”, bij het uitserveren is een functionele presentatie nu eenmaal onontkoombaar.

Waar de jury bij Chef nog de inzet en intentie in haar beoordeling betrekt, wordt de Grand- Maître zuiver beoordeeld naar de mate waarin hij de door hem beweerde kwaliteiten correct aan de jury demonstreert. Alle kooktechnieken moeten vertegenwoordigd zijn, inclusief patisserie en brood bakken.

Leiding geven aan zijn brigade bijvoorbeeld is een van de kwaliteiten van de kandidaat. De jury controleert of hij deze kwaliteiten bezit. Of men rijp is voor dit examen is meestal ter persoonlijke beoordeling van de kandidaat. Het is niet onverstandig hierbij vooraf het oordeel van de examencommissie te betrekken. Is het menu bij de commissie ingediend, dan is het oordeel van de Commissievoorzitter bindend.

Galamenu (5 personen).
De kandidaat moet een harmonieus samengesteld Galamenu presenteren met een goede op- en afbouw, bestaande uit vijf eigen creaties (dus geen LCC receptuur).

a. Een eerste kwaliteit amuse voor bij het aperitief (buiten beoordeling)
b. Een (uitgebreid) voorgerecht (eerste beoordeling)
c. Een klasse consommé met garnituur of potage lie. (tweede beoordeling).
d. Een uitgebreid warm voorgerecht (derde beoordeling)
e. Een sorbet of spoom (buiten beoordeling)
f. Een hoofdgerecht van vlees, wild of gevogelte, waarvan de schaal moet worden opgemaakt. (vierde beoordeling)
g. Een of twee nagerechten, naar gelang de afbouw van het menu vraagt (vijfde beoordeling)
h. Koffie met friandises, die kunnen bestaan uit gebak of bonbons.

Het staat de kandidaat vrij om buiten beoordeling om een of meerdere tussengerechten te serveren. De kandidaat moet 225 punten behalen om zich Grand Maître te mogen noemen .

Vakbekwaamheid.
In het galamenu moeten tenminste 10 van de vakmanschapeisen (nrs. 14 t/m 31 worden verwerkt.

Van een Grand Maître mag een jury verwachten: Alle 26 eisen waaraan een Maître moet voldoen, plus:

27. Het bereiden van gerechten in bladerdeeg.
28. Het maken van soufflés.
29. Het maken van galantines van gevogelte.
30. Het maken van bonbons en truffels van chocolade en het spuiten van versieringen.
31. Het bakken van brood.

Assistentie.
De kandidaat Grand Maître mag tijdens het examen geassisteerd worden door:

1. een koksmaat in de keuken.
2. een chef in de keuken
3. een Maître d’Hotel, wiens kwalificatie niet hoger mag zijn dan die van de kandidaat.

Allen moeten lid zijn van Les Copains Culinaires.

Marchandise.
Gekookt wordt voor vijf personen van zelf ingekochte ingrediënten (inkoopwaarde mag niet meer bedragen dan Fl. 35,= p.p. exclusief de wijnen)
De proef wordt afgelegd op een zaterdagmiddag in de LCC Keuken.
In overleg kan al op vrijdag gestart worden met koken. Uitserveren om 13.00 uur.

Menu.
Het menu dat de kandidaat presenteert wordt vooraf ter beoordeling voorgelegd aan de examencommissie. Het menu moet geheel uitgewerkt zijn en getypt in 6-voud worden ingediend bij de Voorzitter van de Examencommissie.

Alle gerechten moeten een eigen interpretatie hebben en dus niet geheel stammen uit de LCC receptuur.

De examencommissie beoordeelt het menu op haar harmonieën en vult de moeilijkheidsgraad in, waarna zij de kandidaat te kennen geeft of deze tot het examen wordt toegelaten. Het oordeel van de Voorzitter is bindend in deze.

Organisatie.
Van een Grand Maître wordt verwacht dat hij vijf gerechten ter beoordeling aan de jury uitserveert. Omdat het een galadiner is voegt hij (voor de op- en afbouw van het menu) daar meerdere gangen (buiten beoordeling) aan toe.

Vanwege de veel grotere organisatie bij zoveel gerechten, wordt geen strikte tijdstabel geëist over de uiterlijk 5 uur die hem ter beschikking staan bij het uitserveren. Wel een organisatieschema.

Opmaak.
De jury verwacht dat haar minstens één kunstzinnig opgemaakte schaal wordt getoond.